Blogs van advocaten
in Amsterdam

Enquêteprocedure en benoemen bestuurder

Enqueteprocedure en benoeming bestuurder; de omstandigheden

Hommeles in de hotellerie houdt de Nederlandse rechter bezig. Eerst was er een complex in Mexico dat leidde tot de bekende Cancun-beschikkingen van de Hoge Raad. Thans is er dichter bij huis een Maltese gelegenheid, ondergebracht in een Nederlandse BV. De OK beval vorig jaar – op verzoek van een aandeelhouder  – een onderzoek naar het beleid en de gang van zaken van deze holdingmaatschappij, Phoenicia Hotel (Holding) BV. 
 
De door de OK benoemde onderzoeker ondervindt de nodige tegenwerking. Zijn kosten blijven onbetaald, een voorschot eveneens. Daarnaast weigert (het bestuur van) de vennootschap de door hem gevraagde informatie te verstrekken. De onderzoeker ziet geen andere uitweg dan de OK te verzoeken hem te ontheffen van zijn benoeming. Dit verzoek is voor de aandeelhouder die de enquêteprocedure entameerde, reden om (te beloven) de benodigde gelden ter beschikking te stellen. Tevens verzoekt de aandeelhouder de OK bij wijze van onmiddellijke voorziening de huidige bestuurder te schorsen en een derde tot bestuurder te benoemen.
 
De OK honoreert het laatste. Het feit dat de bestuurder de onderzoeker de opgevraagde stukken onthoudt, is reden er iemand “naast te zetten”. Zij benoemt een onafhankelijke derde als bestuurder aan wie in het bestuur een doorslaggevende stem toekomt. Deze derde is tevens zelfstandig bevoegd de BV te vertegenwoordigen. De OK treft de onmiddellijke voorziening “in het belang van het onderzoek”.
 
Meestal worden voorzieningen in verband met de toestand van de rechtspersoon gevraagd en toegewezen. Denk aan impasses in organen, waardoor de vennootschap stuurloos is. De benoeming van een tijdelijk bestuurder of commissaris, dan wel de overdracht van enkele aandelen ten titel van beheer zijn dan de maatregelen die de OK vaak treft.
 
Nu is het dus die ándere grond van art. 2:349a lid 2 BW: het belang van het onderzoek noopt tot ingrijpen. De grond “in het belang van het onderzoek” wordt soms ook stilzwijgend toegepast. Denk aan de OK-bestuurder die mag bezien of de vennootschap (een voorschot op) de onderzoekskosten kan betalen.
 
De belangenafweging die de aanhef van lid 2 van art. 2:349a BW sinds 1 januari 2013 vereist, geldt voor de beide gronden voor het treffen van onmiddellijke voorzieningen. De belangen van de rechtspersoon en die van degenen die krachtens wet en de statuten bij zijn organisatie zijn betrokken, zijn volgens de wet in het geding. Deze belangenafweging lijkt op het eerste gezicht meer toegesneden op de eerste grond voor het treffen van onmiddellijke voorzieningen, de toestand van de rechtspersoon. Laatstgenoemde worden immers expliciet genoemd als onderdeel van de afweging. Toch moet de belangenafweging ook plaatsvinden als “het belang van het onderzoek” in het geding is. In de bovenstaande beschikking laat de OK een uitdrukkelijke belangenafweging achterwege.

Advocaat vennootschapsrecht over enqueteprocedure en benoeming bestuurder

Indien u ruzie heeft met u aandeelhouder en/of de bestuurder van een vennootschap, neemt u dan geheel vrijblijvend contact met advocaat vennootschapsrecht mr. Jeroen Latour op.
 

Categorie├źn

Juridisch actueel

Movie

Contact form