Blogs van advocaten
in Amsterdam

Opzegging van krediet: Rabobank verliest in kort geding!

Opzegging van krediet: Rabobank verliest in kort geding!

In een recent kort geding heeft Rabobank een gevoelig verlies geleden bij de opzegging van een kredietrelatie.  In dit geval ging het om een bedrijf (een eenmanszaak) gespecialiseerd in de paardensport. Als kort geding advocaat heb ik verschillende kort geding procedures gevoerd over de opzegging van een bank en de zorgplicht van de bank.  

Rabobank zegt kredietovereenkomst wegens slechte resultaten

De klant heeft verschillende financieringen, waaronder een reguliere geldlening en een rekening-courantkrediet. Uit de feiten blijkt dat het gaat om een familiebedrijf dat al meerdere generaties bestaat. Uit de feiten en omstandigheden blijkt dat Rabobank heeft opgezegd vanwege de stelling dat er sprake zou zijn van een verlieslijdend bedrijf en dat er achterstanden zouden zijn in de maandelijkse aflossingen en de rentebetalingen op de leningen en een voortdurende overschrijding van het rekening-courantkrediet. Bovendien geeft Rabobank aan dat er onduidelijkheid is over de betaalstromen. Zo geeft Rabobank aan dat de opbrengst van de verkoop van paarden niet bij Rabobank terechtkomt en voorts dat de opbrengst van een procedure/geschil ook niet is afbetaald aan Rabobank.

Opzeggingsgronden van Rabobank behandeld

De rechter begint met de standaard jurisprudentie op het gebied van opzegging van een kredietovereenkomst. De rechter in kort geding citeert daarbij de recente uitspraak van de Hoge Raad, waarin is geoordeeld dat een beëindiging door de kredietverlener moet worden getoetst naar maatstaven van redelijkheid en billijkheid.

Daarbij komt (onder meer) betekenis toe aan:

1)         de duur van de relatie ten tijde van de opzegging;

2)         het gedrag en de betrouwbaarheid van de klant in het licht van de opzegging;

3)         of en wanneer de klant toerekenbaar tekort is geschoten;

4)         de wijze van besluitvorming van de bank voorafgaande aan de opzegging van het krediet en de wijze waarop overleg is gevoerd met de klant over de opzegging van het krediet;

5)         of en in welke mate de klant van tevoren is gewaarschuwd voor de opzegging door de bank;

6)         of de bank door eigen gedragingen verwachtingen heeft gewekt.

De rechter overweegt dat het om een complexe financiering bij de Rabobank gaat. Het gaat in totaal om EUR 991.000,- aan leningen en een rekening-courantkrediet van EUR 40.000,-.

Achterstand in lening rechtvaardigt opzegging?

De rechtbank overweegt dat ten aanzien van de achterstand van de leningen Rabobank zelf heeft aangegeven dat de klant nog kon wachten met betalen van de achterstand. De klant wilde namelijk de aflossingen en de rente op de leningen betalen, maar Rabobank heeft in maart 2015 aangeraden om dit tijdelijk niet te doen, omdat de overstand op het rekening-courantkrediet steeds verder opliep. Vervolgens heeft Rabobank voorwaarden gesteld om de bestaande financiering in stand te laten, waarbij zij niet heeft gesproken over de achterstand op de geldleningen. De rechter overweegt dat onder deze omstandigheid Rabobank de drie geldleningen die een langere looptijd hadden niet hadden mogen opzeggen, zonder de klant op zijn minst genomen te sommeren dat de tijdelijke achterstanden in betalen van de aflossingen ingelost had moeten worden. Ook omdat het nu juist de Rabobank was die had aangegeven eerst het rekening-courantkrediet in te lossen, omdat dat steeds verder opliep. Dat de limiet van het rekening-courantkrediet was overschreden, is mede te wijten aan de omstandigheid dat de Rabobank de te betalen rente automatisch afboekte van dat rekening-courant.

Vervolgens gaat de rechtbank puntsgewijs de opzeggingsgronden af.

De voorzieningenrechter overweegt dat de twijfels over de continuïteit niet voldoende zijn voor opzegging van de gehele relatie, ook omdat Rabobank al jarenlang de huisbankier is.

Ten tweede overweegt de voorzieningenrechter, over het feit dat de bedrijfsomzet via de privérekening loopt, dat niet valt in te zien welke problemen Rabobank hiermee heeft. De klant was (en is) een eenmanszaak en het betrof de privérekening van de klant bij diezelfde bank (!). Dat kan natuurlijk geen reden zijn voor opzegging van de kredietrelatie, als gevolg waarvan Rabobank ook hier ongelijk krijgt.

Klant heeft gehandeld in strijd met pandrecht?

Als derde reden voert Rabobank aan en bespreekt de voorzieningenrechter deze reden, dat de klant zou hebben gehandeld in strijd met het pandrecht, omdat de opbrengst van verkochte paarden op een zakelijke rekening zouden worden gestort. De kort geding rechter stelt zich hier (terecht) de vraag of hier wel een pandrecht is gevestigd op die paarden. De rechter overweegt dat in de overeenkomst niet is opgenomen dat er een pandrecht zou worden gevestigd op de aanwezige of toekomstige paarden en/of voorraden en/of inventaris. Zo overweegt de rechter:

“Het is dan ook maar de vraag of er thans nog een bezitloos pandrecht rust op de paarden.”

Bovendien blijkt dat de algemene voorwaarden, waar Rabobank een beroep op doet, niet van toepassing zijn en dus dat Rabobank hier ook geen beroep op kan doen.

Wel overweegt de rechter dat de klant een bedrag uit hoofde van een vonnis rechtstreeks heeft betaald aan de buren waarmee de klant in een gerechtelijke procedure was verwikkeld. De rechter overweegt hierover:

“Deze betaling had via de Rabobank moeten lopen en in overleg moeten plaatsvinden. Voorshands geoordeeld rechtvaardigt dit verzuim echter niet de beëindiging van de gehele relatie.”

De conclusie is dat de vorderingen van de klant worden toegewezen en dat de opzegging van Rabobank naar maatstaven van redelijkheid en billijkheid onaanvaardbaar is.

Kort geding gewonnen!

De klant had een verklaring voor recht gevorderd in een kort geding, maar dat kan niet en daarom wordt deze vordering door de kort geding rechter afgewezen. Wel wordt toegewezen dat Rabobank wordt geboden de klant een termijn van drie maanden te gunnen voor het terugbetalen van de overstand op het rekening-courantkrediet en voor het inlossen van de achterstanden in betalingen van de aflossingen van de leningen. Voorts wordt Rabobank verboden nadere uitvoering te geven aan de opzegging van het krediet en de leningen en ook het uitwinnen van de zekerheden. Ondanks dat dit een kort geding is, wordt hier geen termijn aan gesteld en is het dus een klinkende overwinning voor de klant en advocaat in kort geding.

Categorie├źn

Juridisch actueel

Movie

Contact form