Blogs van advocaten
in Amsterdam

Merkgebruik door wederverkoper - gegronde reden gebruik merk

Commerciële band en merkgebruik

Een wederverkoper moet in beginsel in staat worden gesteld (bijvoorbeeld in reclame-uitingen) te vermelden dat hij merkproducten verkoopt. In rechtspraak is bepaald dat de merkhouder de wederverkoper niet kan verbieden het merk te gebruiken om aan te geven dat deze merkproducten verkoopt, repareert of onderdelen daarvan levert. Wel kan de merkhouder op treden als de wederverkoper zich zodanig bedient van de merken dat een commerciële band tussen de merkhouder en de verkoper wordt gesuggereerd, dat de verkoper tot het distributienetwerk van de merkhouder behoort of dat er anderszins een bijzondere relatie bestaat tussen beide partijen.

In een recent arrest van het Hof in Den Haag is een nadere invulling gegeven van de genoemde hoofdregel. Het Hof oordeelde namelijk dat de merkhouder het gebruik van een domeinnaam door een verkoper waarin het merk werd gebruikt, kon verbieden. Ook kon het gebruik van het merk met de toevoeging “specialist” en/of een plaatsaanduiding worden verboden en ook het gebruik van een logo waarin het merk was verwerkt diende door de verkoper te worden gestaakt.

Als de wederverkoper dicht aankruipt tegen het merk dat hij verkoopt (en op verschillende plaatsen en op verschillende manieren de merken noemt) en zich aldus te sterk profileert als gelieerd met de onderneming van de merkhouder, zal de rechter sneller aannemen dat het merkgebruik niet is toegestaan. Indien enkel sprake zou zijn van gebruik van het merk in een advertentie zal de merkhouder weinig kunnen doen. Maar als in de domeinnaam van een wederverkoper een merk van een derde wordt gebruikt wordt het al lastiger. Mogelijk is dat een onderneming met behulp van een dergelijke domeinnaam naar buiten treedt maar overigens aanstonds duidelijk is dat er geen band bestaat tussen de onderneming en de merkhouder. Ook dan is mogelijk dat de merkhouder niet met succes kan optreden. Meestal is er echter wel meer aan de hand, waardoor dan de uitspraak van het Hof Den Haag in beeld komt.

Een merkhouder kan zich in beginsel niet tegen wederverkoop verzetten, mits het merkartikel met toestemming van de rechthebbende in het verkeer is gebracht (voor Nederland betreft dit de EER). De merkhouder kan zich echter wel tegen wederverkoop verzetten indien dit afbreuk zou doen aan de reputatie van het merk (bijvoorbeeld als een verkoper die gewoonlijk lage kwaliteit producten verkoopt daarnaast luxe merkproducten te koop aanbiedt).

De rechter kijkt altijd naar alle omstandigheden van het geval en er is altijd sprake is van meerdere factoren die het oordeel beïnvloeden over wat wel en niet kan.

Categorie├źn

Juridisch actueel

Movie

Contact form