Bezwaarcommissie over sluiting pand

De achtergrond van de sluiting van een pand wegens aangetroffen handelsvoorraad coffeeshop

Een korte bloemlezing van mijn betoog om een bezwaarcommissie zo ver te krijgen de handelsvoorraad van een coffeeshop aangetroffen in een magazijn op bedrijventerrein niet te bestraffen met half jaar sluiting van de bedrijfsruimte. Tegen het besluit tot sluiting pand door gemeente of sluiting van een coffeeshop of horecazaak kan bezwaar aangetekend worden door de exploitant. De bezwaarfase in het bestuursrecht zou wat meer kleur kunnen krijgen als de bezwaarschriftencommissie kritisch en creatief het bestuursorgaan adviseert.

Bezwaar sluiting coffeeshop behandeld door bezwaarschriftencommissie

Het zou toch mooi zijn als de Bezwaarcommissie eens een ander geluid zouden (laten) horen dan gebruikelijk het geval is bij coffeeshop gerelateerde zaken:

- een advies aan de Burgemeester dat rekening wordt gehouden met het belang van de ondernemer die een coffeeshop exploiteert;

- een advies dat rekening wordt gehouden met het belang van eigenaar die gewoon een bedrijfsruimte verhuurt aan een onderneming, want een coffeeshop is ook een gewone onderneming;

- een advies waarin de bezwaarcommissie begrip toont voor het feit dat het gedoogbeleid geen ruimte biedt voor normale bevoorrading en dat de Burgemeester rekening moet houden met een passende en veilige bevoorrading van de coffeeshop;

- een advies dat de commissie vaststelt dat deze coffeeshop al vele jaren op verantwoorde wijze de coffeeshop exploiteert en de zogenaamde achterdeurfeiten geen reden zijn voor bestuursdwang.

Belangenafweging bij bestuursdwang (sluiting) op basis van artikel 13b Opiumwet

Bestuursdwang op basis van art. 13b Opiumwet is een zogenaamde discretionaire bevoegdheid. Dat vraagt om een zorgvuldige belangenafweging. De belangenafweging die de Burgemeester maakt, is wat bezwaarmakers betreft onvoldoende en kortzichtig. Er wordt in feite niet, althans onvoldoende rekening gehouden met de belangen van de exploitant van de coffeeshop en overigens ook met de belangen van de vastgoedeigenaar. In die belangenafweging gaat de Burgemeester er aan voorbij dat:

- de coffeeshop op verantwoorde wijze coffeeshops wordt geëxploiteerd;

- dat er nimmer overlast in de omgeving is;

- dat het gedoogbeleid half werk is en niets regelt voor de bevoorrading;

- de coffeeshop exploitant in feite gedwongen wordt tijdelijk een strafbaar feit te plegen;

- dat strafbare feit ook telkens weer wordt beëindigd door afleveren van de voorraad in de coffeeshop;

- dat bevoorrading van coffeeshops een landelijk fenomeen is dat meerdere keren per dag in heel Nederland plaatsvindt;

- de Nederlandse strafrechters om die reden al enige tijd geen straffen meer opleggen.

In het bijzonder dat laatste heeft de Burgemeester onvoldoende betrokken in zijn belangenafweging bij het besluit tot sluiting van de bedrijfsruimte voor een half jaar. Lees ook: bestuursrecht en gedoogbeleid.

Beleid ex art 13 b Opiumwet; handhavingsmatrix onredelijk en onvolledig

De handelsvoorraden van coffeeshops buiten de coffeeshop acht de strafrechter niet strafbaar. Waar zou dan de Burgemeester een bedrijfsruimte met een handelsvoorraad een half jaar sluiten? Het is begrijpelijk dat er beleid is om overtredingen met betrekking tot drugs vorm te geven. Daar is op zich niets mis mee. Daar het hier de voorraad betreft voor coffeeshops waarvoor de Burgemeester zelf een exploitatievergunning heeft verleend, zou het in het kader van goed bestuur zonder meer redelijk zijn dat bevoorrading ook op een passende manier wordt gereguleerd in dat beleid, maar dat is niet het geval. Dat heeft de Burgemeester in zijn beleid achterwege gelaten. Het feit dat de Aanwijzing Opiumwet daar steken laat vallen, hoeft de Burgemeester er niet van e weerhouden om dit hiaat op een passende wijze binnen zijn gemeente wel te regelen. En de bezwaarcommissie kan dat in het advies aan de burgemeester opnemen.

Opslag en transport cannabis voorraad coffeeshop

Een groot deel van de burgemeesters van Nederland wil opslag en de transport van softdrugs voor coffeeshops goed reguleren. Hoe regel je dat nu op een wijze dat de coffeeshop exploitant niet iedere keer onterecht zijn voorraad wordt afgepakt en het leven zuur gemaakt wordt? Hoe houd je nu rekening met die belangen van de ondernemer, zodat hij wel op verantwoorde en veilige wijze zijn coffeeshop kan bevoorraden. Bijvoorbeeld door een gedoogcriterium toe te voegen voor veilige opslag en veilig transport van de handelsvoorraad. De Burgemeester weet immers dat er altijd handelsvoorraad ergens vandaan moet komen. In het belang van openbare orde en veiligheid kan de beveiligde locatie van de handelsvoorraad onderwerp van beleid zijn. De bezwaarcommissie kan vaststellen dat he handhavingsbeleid van de burgemeester tekort schiet en toepassing van het beleid in de huidige vorm onredelijk is voor eigenaren van coffeeshops. Gelukkig is in deze uitspraak die ons kantoor behandelde door de rechter duidelijk gemaakt dat de voorraad van een coffeeshop toch ergens op een veilige en verantwoorde wijze opgeslagen kan worden buiten de coffeeshop. Het aantreffen van die voorraad rechtvaardigt niet een sluiting van die voorraadruimte aldus de rechter.

Lokaal gedoogbeleid burgemeester moet beter

Ik hoor u al zeggen: “Ja, maar de rechter heeft het allemaal toegestaan en vooralsnog is het beleid niet onredelijk.” Dat is helaas inderdaad vaak het geval. Om die reden komt de Burgemeester daar tot nog toe mee weg en wordt ten onrechte de rechterlijke zegen aan dit soort situaties wordt toegekend. Dat een rechter niet ingrijpend een beschikking toetst is zorgelijk. Maar een bezwaarcommissie kan wel inhoudelijk het beleid van de burgemeester inzake softdrug kritisch beoordelen. In de gemeente moet sprake moet zijn van redelijk beleid en goede regulering van het softdrugsbeleid om coffeeshops binnen het gedoogbeleid te laten functioneren. Een bezwaarcommissie kan daarbij daadwerkelijk een rol in spelen. Omdat de bezwaarfase kan ook overgeslagen worden met toepassing van artikel 7.1a AWB.

Tip: de advocaat van bezwaarmaker kan vragen aan het bestuursorgaan mee te werken aan direct beroep bij de rechtbank, de bestuursrechter. In deze zaak wilde de burgemeester niet meewerken aan direct beroep bij de rechtbank.

Gepubliceerde Artikelen